Het verraad van de familie Frank

www.verraadannefrank.nl

website over wie de acht onderduikers aan de Prinsengracht 263 verraadde


Hedwig Gisela (Isa) Baschwitz


Iemand betwijfelde hardop of Anne wel de werkelijke schrijfster was van het wereldberoemde dagboek, op die openhartigheid heeft nooit iemand zitten wachten terwijl de persoon in kwestie ook voldoende bewezen heldendaden op haar naam heeft staan.

Hedwig Gisela Teske-Baschwitz

Isa werd op 14 maart 1922 in Hamburg geboren en kwam in 1933 naar Nederland toen Hitler met succes een greep naar de macht had gedaan. Haar vader, Siegfried Kurt Baschwitz, was wel Joods en had in zijn boeken en columns al talloze malen gewaarschuwd tegen het opkomend nationaal-socialisme. Het huwelijk was niet goed en Kurt liet zijn gezin in de steek. Isa schreef hem een brief waarop hij zijn kinderen alsnog naar Nederland liet komen.
Uiteindelijk werd het gezin herenigd, moeder liet haar kinderen niet aan hun lot over.

Kurt bleef kritisch jegens de Duitsers, iets wat hem door de Nederlanders niet in dank werd afgenomen, voor de oorlog dus al. Zijn verblijfsvergunning was ook afgegeven onder de voorwaarden dat hij zijn politieke denkbeelden voor zich hield. Dat deed hij niet. Vier dagen na de inval van de Duitsers en dus daags voor de overgave van Winkelman kreeg Kurt bezoek. Hij moest onderduiken want zijn naam zou hoog op de lijst staan van staatsvijanden.
De vlucht van de regering en het Koningshuis werd ervaren als een verlies, een leegte ontstond. Hoe moest je als burger nou het hoofd koel houden als het bestuur van het land de sleutels inlevert bij een generaal met de boodschap 'zoek het maar uit'. Vader Baschwitz dook onder, de rest van het gezin moest rond zien te komen van drie stuivers. Voor school was geen geld, Isa werd twee jaar lang dienstmeisje bij Jacob (Jacques) Presser, historicus, schrijver, leraar en dichter die later bekend werd van zijn boek 'Ondergang: De vervolging en verdelging van het Nederlandse Jodendom 1940-1945', over de geschiedenis van de Jodenvervolging in Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
Kurt werd door de Duitsers opgepakt en naar Westerbork gestuurd om van daaruit naar Auschwitz te worden getransporteerd. Isa trok de stoute schoenen aan en liet papieren vervalsen door de verzetsmensen waarmee zij samenwerkte. Zo kreeg zij haar vader vrij en wist hij de oorlog te overleven.

Verpleegster
Isa was half-joods en Duits, hierdoor was haar status laag en had zij een Duits paspoort, halverwege de oorlog werd Isa verpleegster en kwam zij in aanraking met het verzet. Haar vader werd ziek, Isa moest hem verzorgen en breidde haar illegale werk uit, zij werd koerierster.
Onder andere voor Jacques Presser die, nadat zijn vrouw in Sobibor was vermoord, op de Veluwe ondergedoken zat, maar ook voor de persoonsbewijzencentrale van Gerrit van der Veen en de Universiteit van Amsterdam.
Isa werd vaak aangehouden door de Duitsers, haar Duitse paspoort was genoeg om zonder problemen door te kunnen gaan met haar werk voor het verzet.

Na de oorlog
Aanvankelijk bleef zij, net als veel anderen uit het verzet, in de luwte. Dat had enerzijds te maken met haar half-Joods zijn, anderzijds met haar Duitse afkomst, maar ook met de NSB'ers die nog vrij rondliepen en het voorzien hadden op leden van het verzet. Hoe gek het ook klinkt, ook na de oorlog was er nog veel angst. Haar huwelijk in 1948 ging niet zonder slag of stoot, zij was immers een Duitse dus ongewenst.
Zij en haar aanstaande echtgenoot moesten een verklaring overleggen met daarin tot in de vierde graad hun afkomst, inderdaad, de maatregel die de Duitsers hadden ingevoerd werd in 1948 nog gewoon gehanteerd door de Nederlandse regering.

Isa studeerde rechten en was tweemaal getrouwd. Uit haar tweede huwelijk kreeg zij twee kinderen. Zij ging bij een notariskantoor werken en woonde tot aan haar dood in 2002 in Amstelveen. Haar vader was Joods, maar haar moeder niet en haar drie kinderen, waaronder Isa, dus ook niet. Die werden gezien als Duitsers en zouden na de oorlog worden teruggestuurd. Isa moest een werkvergunning aanvragen als 'vreemdeling', dat weigerde zij. Met de band van de Binnenlandse Strijdkrachten nog om tekende zij met succes protest aan. Haar vader werd geen strobreed in de weg gelegd omdat die zijn staatsburgerschap van Duitsland verloren had. Best krom.

Belegering Centraal Station

7 mei 1945, de Duitsers zijn in paniek, een deel van het CS is door hen bezet, maar de Binnenlandse Strijdkachten zijn overal aanwezig, er volgen beschietingen over en weer. De telefoon ligt eruit dus moet een koerier mondeling orders van het opperbevel overbrengen naar de onder-officieren ter plaatste. Daarbij komt de koerier (Zeeman) om het leven waarop een verzetsvrouw, Isa Baschwitz, het werk afmaakt.
De schermutselingen staakten en op hoog niveau werd er bepaald dat de wapens neergelegd moesten worden. Toch vallen er minstens 18 doden.

Hedwig (Isa, geboren 14 maart 1922) overleefde de oorlog, maar werd met argusogen bekeken, als kind van Duitsers werd zij als 'fout' bestempeld. Uiteindelijk mocht zij blijven maar veel is er niet meer van haar vernomen. Zeeman werd gehuldigd, kreeg een plaquette en opgenomen in 'De Erelijst van Gevallenen 1940-1945', een lijst die sinds 1960 in de hal van de Tweede Kamer ligt en namen bevat van degenen die in de Tweede Wereldoorlog als militair of verzetsstrijder voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn gevallen.
...lees hier meer over de schietparij op het Centraal Station op 7 mei 1945...

Haar zoon Bubo mailde mij in augustus 2017 het volgende:
"Mijn moeder heeft wel degelijk een onderscheiding gekregen, ziet er indrukwekkend uit, het verzetsherdenkingskruis. Bij haar overlijden stond het Erepeloton rond haar kist. Dus men erkende haar waarde wel.
Tijdens haar hele leven is ze omringd gebleven door mensen uit die periode, die haar op handen droegen. Van Presser tot Meerburg tot en met die vervalsing kunstenaars. Dat boekje wat je beschrijft (zie hieronder) heb ik voor haar uitgegeven, ik had haar nogal onder druk gezet dit te doen."

Isa schrijft een boek

Isa stelde dus een boek samen: '40 jaar Erepeloton der voormalige binnenlandse strijdkrachten', het boek van Isa bestaat uit een aantal interviews, onder andere met Th. Kok, de oprichter van het erepeloton. Het voorwoord is geschreven door Prins Bernhard. Ook Matthijs Porsius was een van de leden van dit erepeloton die door haar voor het boek werd geïnterviewd, iemand mailde mij iets opmerkelijks dat tijdens dit gesprek ter sprake zou zijn gekomen.

Isa vertelde dat zij en haar familie bevriend waren met de familie Frank. Zij had Margot en Anne persoonlijk gekend en zei met stelligheid dat Anne nooit het beroemde dagboek geschreven kon hebben, daarvoor was het Nederlands te foutloos, Anne zat als Duits kind daarvoor veel te kort op school in Amsterdam. Margot, de oudere zus van Anne, daarentegen, was de Nederlandse taal wel machtig en volgens Isa is Margot dan ook de enige die het dagboek geschreven heeft.
Omdat volgens deze zelfde bron Isa Baschwitz al geruime tijd geleden is overleden kan haar niet meer gevraagd worden naar de waarheid. Ik vond haar overlijdensdatum, 25 april 2002.

Ik geloof dat Anne het dagboek geschreven heeft en dat Matthijs Porsius de waarheid spreekt, Isa zal oprecht hebben gedacht dat Anne nooit het dagboek geschreven kon hebben. Ik vraag me wel eens af waar het dagboek van Margot is gebleven (het is zeker dat dat bestaan heeft), ik denk dat ze het mee kon nemen maar dat het verbrand is in het concentratiekamp.

Het laatste woonadres van Isa Baschwitz was Matterhorn 17, 1186  EB Amstelveen, dit is geen groot geheim want in het boekje dat zij samenstelde staat dit afgedrukt als besteladres.

Voorzichtige conclusie

Vooropgesteld, er is geen enkel bewijs dat Isa gezegd heeft dat Anne het dagboek niet geschreven heeft, er is ook geen enkele aanwijzing dat Anne het dagboek niet zelf geschreven heeft. De bewezen heldendaden van Isa Baschwitz tijdens de oorlogsjaren zouden aanleiding kunnen zijn haar alsnog te onderscheiden, dat dat nooit is gebeurd en waarschijnlijk ook niet meer zal gebeuren is opmerkelijk.
Velen kregen hoge onderscheidingen voor minder.

Prins Bernhard wist van Isa af, hij schreef een voorwoord in een boekje dat zij samenstelde, als Isa echt omstreden was geweest zou hij nimmer nog aandacht aan haar hebben besteed.

Resumé
Hedwig Gisela Baschwitz werd dus op 14 maart 1922 in Hamburg geboren maar kwam in 1933 als elf-jarige naar Amsterdam omdat het Duitse gezin Baschwitz Duitsland moest ontvluchten vanwege de anti-Joodse stemming aldaar.
Tijdens de bezetting zette zij zich (bewezen) in als verzetsvrouw. Haar vader wist zij uit Westerbork te krijgen door vervalste papieren te gebruiken, voor de UvA smokkelde zij boeken en berichten. Na de oorlog studeerde zij rechten en trouwde tweemaal, zij heeft uit het tweede huwelijk twee kinderen.

Haar vader was Siegfried Kurt Baschwitz, een socioloog en journalist, maar ook bevriend met Otto Frank, hij publiceerde voor de oorlog in Duitsland. Tijdens de oorlogsjaren werd hij opgepakt en naar Westerbork gestuurd. Na de oorlog bleef Kurt publiceren over de communicatie tussen mensen, massa-hysterie en groepshaat.
De huidige studierichting 'communicatiewetenschappen' is gestoeld op zijn werk.

Otto Frank kreeg na de oorlog de papieren van zijn dochter Anne in handen, een van de mensen die hij om advies vroeg of hij het boek moest uitgeven was Kurt. Hij kon na de oorlog niet terug worden gestuurd omdat hij zijn Duits staatsburgerschap verloren had, zijn vrouw en kinderen echter wachtten een ander lot, hoe krom. Isa stak daar eigenhandig een stokje voor. Isa was bevriend met Anne Frank. Het onderzoek naar Isa (Hedwig Gisela Teske-Baschwitz) zet ik voort om erachter te komen wat er met haar gebeurd is en waarom zij nooit de eer heeft gekregen waarop zij recht lijkt te hebben.
De vader van Isa overleed in 1968.

Wie kan mij meer vertellen over Isa Baschwitz?

Het dagboek van Margot

Dat de oudere zus van Anne ook een dagboek bijhield staat vast, dat blijkt namelijk uit het dagboek van Anne. Otto wist niets van beide dagboeken. Toen Anne 13 werd in 1942 zou zij enkele weken later samen met haar zus en ouders onderduiken. Op die bewuste twaalde juni in 1942 leek alles nog rustig, Anne ontving nog geen vriendinnetjes, het kinderpartijtje was pas zondag.
Anne kreeg van haar ouders het dagboek dat zij enkele dagen daarvoor had aangewezen in een boekhandel in de buurt. Direct die dag begon zij erin te schrijven, ze hoopt dat ze haar dagboek alles kan toevertrouwen en een steun voor haar zal zijn. Pas twee dagen later gaat Anne uitvoeriger schrijven. Op zaterdag 20 juni komt Anne met de mededeling dat zij goed heeft nagedacht over hoe zij het dagboek moet gaan opzetten, voortaan zal zij zich richten tot Kitty.

Op 16 oktober 1942 vraagt Margot aan Anne of ze eens in haar dagboek mag lezen, dat vindt Anne goed, op voorwaarde dat ze ook in het hare mag kijken, hierdoor weten we dus met zekerheid dat ook Margot een dagboek bijhield. Het blijft vreemd dat Otto na de oorlog geen flauw benul had dat zijn dochter van alles opschreef terwijl ze toch oude kasboeken van Miep Gies had gehad omdat haar dagboeken vol waren.
Ook wist Otto niets van een eventueel dagboek van Margot. Het vermoeden bestaat dat het dagboek in een meubel zat dat door de firma Puls uit het achterhuis is gehaald en dat de huisraad naar Duitsland is gebracht.




Je kunt per mail contact opnemen. Tevens kun je mij via Twitter volgen.
Volg mij via Twitter           Email De Dokwerker (Ben Verzet)